Algemene beschouwingen Voorjaarsnota

Op donderdag 20 juni werd de Voorjaarsnota behandeld in de Apeldoornse gemeenteraad. In de Voorjaarsnota worden de kaders voor het opstellen van de jaarlijkse begroting geformuleerd. Ik sprak bij de algemene beschouwingen voor de Voorjaarsnota de volgende tekst uit: 

Een voorjaarsnota met twee gezichten.

En dat in onrustige tijden. We zien totaal verschillende verkiezingsuitslagen in een paar maanden tijd. De politieke arena lijkt meer en meer op een woordenstrijd tussen flanken op links en rechts. In alle heftigheid lijkt het gewone midden wel oorverdovend stil.  

Er is in slechts enkele decennia veel veranderd. Want met de teloorgang van geloof en kerk als samenbinder gaan mensen op zoek naar nieuwe ankerpunten. Er ontstaan nieuwe, scherpere scheidslijnen. We zien die scheidslijnen op diverse terreinen terug: sociaal-economisch door grotere inkomensverschillen, botsing van ideeën over immigratie en duurzaamheid, onderwijsachterstanden, traditie vs. toekomstgeloof. 

We zien als reactie veel overheden driftig op zoek gaan naar allerlei vormen van burgerparticipatie. Wat ons betreft begint het bij leiderschap. Het goede en integere voorbeeld geven, fatsoenlijk met elkaar omgaan, dichtbij mensen staan en strijden voor onze inwoners. Een politicus moet bezwaren en zorgen benoemen, maar bovenal ook hoop en perspectief bieden. 

Read More →

Molenmaker Klaas Kremer

Mijn betovergrootmoeder Anje Kremer werd geboren in 1845, en groeide op in een gezin met vijf kinderen. Zij trouwde later met Jan Lammert Havinga. Haar oudere broer Klaas Eltjes Kremer stond in Thesinge bekend als de molenmaker. De schrijver Oomkes heeft in een van zijn boeken over hem geschreven.

Klaas Eltjes Kremer woonde met zijn echtgenote Harmina Wieringa vlakbij de molen Germania in Thesinge in een boerderij waar ook een molenwerkplaats was gevestigd. Op het erf van de boerderij werd rond 1890 door de molenmakers Christiaan Bremer uit Middelstum en Klaas Eltjes Kremer een molentje gebouwd. Het molentje draagt de naam ‘De David’ (bron).

Molentje ‘De David’, met op de achtergrond de Thesingse molen Germania.

In 1894 werd het molentje verkocht aan J. Bolhuis, die het 500m verplaatste. In 1934, na 40 jaar trouwe dienst, werd het molentje door molenmaker Thomas Bremer in Adorp aangekocht, gerestaureerd en opgeslagen. Sinds kort staat het molentje naar verluid in Warffum, in openluchtmuseum Het Hoogeland. (bron)

Klaas Eltjes Kremer overleed in 1915. Zijn vrouw Harmina Wieringa in 1911. Ze liggen beide begraven in Thesinge, waarvan de grafstenen hieronder het bewijs zijn (bron).

De eerste bewoners van de polder Noord Beveland

Stormvloeden hebben Zeeland tot in het recente verleden geteisterd. Tussen 1134 en 1530 waren er meer dan 45 ernstige overstromingsrampen. Sint Felix quade saterdach op 5 november 1530 was de grootste ramp. Alleen de kerktoren van Kortgene stak nog boven het water uit. Toen men twee jaar Noord Beveland bijna had hersteld, werd al dit werk verwoest door de Allerzielenvloed van 2 november 1532. Door deze twee vloeden ging veel land permanent verloren. Sindsdien bleef het “drijvende”, dus onbedijkt en onbeschermd tegen wind en water, tot tussen 1598 en 1697 het land opnieuw werd ingepolderd en opnieuw bevolkt. De polders van Wissenkerke en Kortgene worden namelijk later ingepolderd dan Colijnsplaat. Meer informatie over de inpoldering van Noord Beveland is hier te vinden. De nieuwe bewoners waren vooral van Schouwen en Duiveland en van Tholen afkomstig (bron: P.W. Meertens – Zeeuwse familienamen).

Wat brengt mij nu bij dit verhaal? Wel, de stamvader van de familie Kooman, Willem Willemse Kooman (1779-1833), stamt via Gerard Maartense Kooman af van de familie Harthoorn. Willem Willemse Kooman woonde en werkte in Looperskapelle en Duivendijke op het huidige Schouwen-Duiveland. Zijn opa Gerard Maartense Kooman is geboren in Oud-Vossemeer en later naar Schouwen-Duiveland verhuisd. Zijn moeder heette Janneken Reyniers Harthoorn. En dat maakt het interessant. Onderstaand schema maakt het allemaal duidelijk.

In het tijdschrift Gens Nostra van januari 1976 staat een verhaal over de oudste generatie van de Zeeuwse familie Harthoorn. Anthonis Jansz. en Dina Reyniers zijn de oudste bekende familieleden, getrouwd in ca. 1620. Zij hadden 6 kinderen, voor zover bekend: Jan Anthonisz, Reinier, Pieter, Cornelis, Reijnier Anthonisse en Adriaen. De verwachting is dat een deel deze familie en voorouders, die later Harthoorn gaat heten, een van de eerste bewoners zijn van het ‘nieuwe’ Noord Beveland. Uit de doopboeken van de hervormde gemeenten van Colijnsplaat wordt duidelijk dat er halverwege de 17e eeuw twee broers hebben gewoond, Jan en Cornelis Anthonisz. Zij zijn hier gedoopt. Kort nadat de polder van Wissenkerke is drooggelegd in 1652 zijn beide broers daar ook gaan wonen. Dit blijkt uit het register van schepenakten. Daarin komt ook de naam Harthoorn naar voren. Cornelis is tot zijn dood in 1704 koster van de kerk.

Een andere broer, Reijnier Anthonisz., is als doopgetuige opgetreden bij de doop van een kind van Jan Anthonisz. en zijn vrouw Catalijnken Jans in Colijnsplaat (1650). Reijnier vertrekt later naar Sint Philipsland, doet daar belijdenis, was diaken van 1675-1685 en vertrok daarna naar Oud Vossemeer. Reijnier is de opa van de eerder genoemde Gerard Maartense Kooman.

Maar daarmee is nog niet verklaard waar deze Harthoorn’s vandaan komen. Waarschijnlijk uit Kruiningen. In 1631 is in het oudste doopboek van de hervormde gemeente van Kruiningen een doop te vinden van ‘Reynier’, zoon van Anthony Janssen en Reyniers, en later in 1634 een doop van vermoedelijke Adriaen, zoon van Anthony Janssen en Dina Reyniers. Ook kocht Jan Anthonisz., waarschijnlijk de oudste zoon, in 1642 een huis in Kruiningen binnen de ring van het dorp. Hij verkocht dat weer in 1647. Dat is waarschijnlijk het moment dat hij naar Colijnsplaat vertrok. Latere doopbewijzen onderbouwen dat twee broers naar Colijnsplaat verhuisden.

Het zijn broze bewijzen, maar het is aan te nemen dat de familie Harthoorn voor een deel de wortels heeft in het ‘nieuwe’ Noord Beveland, en voor een deel de wortels heeft in Zuid Beveland.

De Zegveldse drenkeling Annigje Blok

Op 30 december 1839 vindt in Zegveld een bijzondere gebeurtenis plaats. In onderstaand artikel beschrijft G.J.A. Beerthuizen – van Kooten hoe de 10-jarige Annigje Blok van de verdrinking wordt gered. Bijzonder voor onze familie is dat Annigje Blok een oudmoeder is aan mijn moeders kant (de familie Kooman-Verburg). De familie Blok woonde in die periode in Zegveld.

De voorouders van Arie Verburg (mijn overgrootvader aan moeders kant)
Annigje-Blok-een-Zegveldse-drenkelinge

Kerstvloed van 1717 en de familie Kadijk

De Kerstvloed van 1717 was een enorme ramp in Groningen. Door de slechte dijken en de krachtige storm heeft deze ramp zich op de Eerste Kerstdag van 1717 voltrokken. De Kerstvloed eiste ongeveer 13.300 mensenlevens, in Duitsland, Friesland, maar vooral ook Groningen. Het zeewater in de Ommelanden stond 2 tot 3 meter hoog en bereikte de poorten van de stad Groningen. 2276 mensen overleden.

Mijn oudvader Jan Pieters van der Borg (geboren 1810) trouwde in 1833 met Kornelia Kadijk in Eenrum, nabij Pieterburen. De familie Kadijk/Cadijk woonden jarenlang, zo niet eeuwenlang, in een van de drie Ommelanden: Hunsingo, het gebied aan de Groningse kust bij de Waddenzee. De vader van Kornelia was Jacob Rentjes Kadijk, landbouwer uit Pieterburen. Hij was getrouwd met Aafke Jans van Dijk. Jacob Rentjes was de zoon van Reyntje Jans Kadijk en Cornelske Jans Luitjens. Op zijn beurt was Reyntje Jans de zoon van Jan Jakobs Vos Kadijk en Nieske Emes. De naam Kadijk komt overigens van de Kadijk uit Pieterburen en betekent ‘een lage dijk’.

Jan Jakobs Vos Kadijk boerde aan de Oude Zeedijk 4 in Pieterburen (deze boerderij is voor 2000 afgebroken). Vanaf 1741 boerden hier vier generaties Vos/Kadijk. Een boerderij even verderop werd ook hun eigendom, deze is ook afgebroken.

Jan Jakobs Vos Kadijk was de zoon van Jacob Reintjen Vos, en dan zijn we op het moment in de geschiedenis waar we willen zijn. Jacob Reintjen Vos trouwde met Anje Writzers. Anje was eerder getrouwd met haar broer Abel Jacobs (van 1707-1717). Voor het gezin Abel en Anje was de Kerstvloed van 1717 zeer noodlottig.

De voorouders van Kornelia Kadijk vanaf Jacob Reyntjes Vos en Anje Writzers

Bij de Kerstvloed van 1717 verloor Anje Writzers haar man Abel Jacobs en hun vijf kinderen: Jantjen, Grabrigh, Petertjen, Jacob en Aafke van 1 tot 9 jaar oud. Meer is te lezen in het boek “Verhaal van alle hooge Watervloeden”, geschreven door Gerhardus Outhof in 1720. Outhof schrijft: “Abel Jacobs moeste lijden dat zijne kinderen verdronken, terwijl zijne meidt, schoon aan en boom geraakt, dit selve onheyl ook in zijn gezigt trof. Hij zelve dreef met zijn vrouw en knegt op een stuk van ‘thuisdak, dog raakte daar af en verdronk, zonder weeten van zijn vrouw en knegt, die te Bafloo dreven en behouden wierden.” Anje Writzers hertrouwde op 27 november 1718 met Abel zijn broer Jacob Reintjen, zij kregen nog vier kinderen.

Verantwoording: bovenstaande teksten komen uit eigen genealogisch onderzoek en gedeeltelijk van de websites Historiek.nl, Deverhalenvangroningen.nl en Kerstvloed1717.nl. Van de Kerstvloed van 1717 is in 2017 (300 jaar geleden) een film gemaakt.

https://www.deverhalenvangroningen.nl/alle-verhalen/de-kerstvloed-van-1717

https://www.kerstvloed1717.nl/verhalen/kerstvloed-1717-achtergrond

Familiegeschiedenis ‘Van der Borg’

De familienaam ‘Van der Borg’ duikt voor het eerst op eind 1700. De verklaring en oorsprong van de naam zijn mij niet bekend. Overigens zijn er meer families Van der Borg(h). Er zal mogelijk een verband zijn tussen de diverse families Van der Borg in het noorden van het land, maar dat heb ik (nog) niet kunnen vinden.

Pieter Luitjes van der Borg & Aafke Jans Dijkema

Mijn oudst bekende voorvader met de familienaam ‘Van der Borg’ is Pieter Luitjes van der Borg (geboren op 13 maart 1763 te Warffum). Zijn ouders[1] zijn Luitje Pieters en Anje Harmannus.

Pieter Luitjes van der Borg was landbouwer. Hij woonde en werkte met zijn gezin op de boerderij ‘Van der Borgheerd’ aan de Wierhuisterweg 43 in Pieterburen[2].

Boerderij ‘Van der Borgheerd’, Wierhuisterweg 43 te Pieterburen

Pieter Luitjes is getrouwd geweest met Aafke Jans Dijkema (06 november 1788, Den Andel – 19 maart 1848, Pieterburen) en met Adriaantje Klaassen (geboortedatum onbekend). Hij overleed op 10 december 1824 te Pieterburen op de leeftijd van 61 jaar, en werd aldaar begraven. Zijn vrouw Aafke Jans Dijkema overleed op 19 maart 1848, 23 jaar na hem.

Hij had zes kinderen met Aafke Jans Dijkema: Luitje Pieters van der Borg (03 april 1808), Jan Pieters van der Borg (07 oktober 1810), Martha van der Borg (23 oktober 1812), Martha (Martje) Pieters van der Borg (07 augustus 1814), Harmannus van der Borg (03 augustus 1820) en Harmannus van der Borg (27 oktober 1823)

Hij had één dochter met Adriaantje Klaassen: Boukje Pieters Van Der Borg (20 februari 1793)

Jan Pieters van der Borg & Kornelia Kadijk

Jan Pieters van der Borg, tweede zoon van Pieter Luitjes van der Borg en Aafke Jans Dijkema, werd geboren te Pieterburen op 07 oktober 1810. Toen hij 14 jaar oud was overleed zijn vader. Hij huwde met Kornelia Kadijk (geboren 23 februari 1813) te Eenrum op 17 oktober 1833 op 23-jarige leeftijd. Zij was toen 20 jaar oud.

Hij had zeven kinderen met Kornelia Kadijk: Aafke van der Borg (04 augustus 1834), Pieter van der Borg (24 maart 1836), Jakob van der Borg (30 maart 1838), Jacob Jans van der Borg (06 augustus 1839), Marta van der Borg (28 januari 1842), Reinder van der Borg (15 april 1843), Reinder van der Borg (16 november 1845).

Hij overleed op 31 januari 1848 te Ranum, op de leeftijd van 37 jaar. Zijn vrouw Kornelia Kadijk overleed op 02 maart 1872, 24 jaar na hem.

Reinder van der Borg & Trientje Stuurwold

Reinder van der Borg, de jongste zoon van Jan Pieters van der Borg en Kornelia Kadijk, werd geboren te Ranum op 16 november 1845. Toen hij 2 jaar oud was, is zijn vader, Jan Pieters Van Der Borg, overleden (31 januari 1848). Toen hij 26 jaar oud was, is zijn moeder, Kornelia Kadijk, overleden (2 maart 1872).

Hij huwde op 32-jarige leeftijd met Trientje Stuurwold (geboren 4 mei 1857 te Thesinge) te Ten Boerop 6 juni 1878. Trientje Stuurwold was de dochter van Derk Jan Stuurwold en Anja van der Meer.

Hij had tien kinderen met Trientje Stuurwold: Pieter Van Der Borg (1879), Anje Van Der Borg (10 september 1881), Anje Van Der Borg (08 november 1882), Derk Van Der Borg (13 december 1883), Jan Van Der Borg (22 januari 1886), Cornelia Van Der Borg (09 februari 1888), Jacob (Job) Van Der Borg (27 juni 1890), Aafke Van Der Borg (03 februari 1894), Hinderika Van Der Borg (14 februari 1896), Pieterke Van Der Borg (18 mei 1901).

In 1916 kocht Reinder van der Borg en zijn vrouw Trientje Stuurwold een perceel van het Steenhuis in Garmerwolde van de familie Engels-Schuitema. Reinder overleed op 2 juli 1922 en het Steenhuis werd bij de boedelscheiding op 21 november 1922 toebedeeld aan Trientje Stuurwold. Na haar overlijden op 3 juli 1932 verkochten de erfgenamen de boerderij op 18 januari 1933 aan Geert Jan Berghuis en Anna Cleveringa. Sinds 1933 werd de boerderij verpacht aan de zoon van Reinder, Jan van der Borg en zijn vrouw Johanna Henderika Dekens. In 1965 werd de boerderij verpacht aan Jan Harm Oosterhuis en Antje Schuitema, waardoor aan de bewoning door de familie Van der Borg een eind kwam.

Aan de achterzijde van het Steenhuis is nog steeds de naam zichtbaar van Trientje Stuurwold, in een steen ter ere van de herbouwing van het Steenhuis in 1925.

Reinder overleed op 2 juli 1922 te Garmerwolde. Zijn vrouw Trientje overleed tien jaar later op 3 juli 1932.

Op de foto: Reinder en Trientje, Derk en Grietje en kinderen.

Derk van der Borg & Grietje Havinga

Derk Van Der Borg, de vierde zoon van Reinder van der Borg en Trientje Stuurworld, werd op 13 december 1883 geboren te Thesinge. Zijn vader Reinder overleed toen hij 38 jaar oud was, en zijn moeder Trientje overleed toen hij 48 jaar oud was.

Derk huwde met Grietje Havinga op 8 mei 1913 in Ten Boer. Grietje is geboren op 1 maart 1888, dochter van Jan Lammert Havinga en Anje Kremer. Uit het huwelijk van Derk en Grietje werden drie kinderen geboren: Reinder van der Borg (19 oktober 1918), Anje van der Borg (31 januari 1924) en Jan Dirk van der Borg (21 januari 1926).

Derk was landbouwer/vlashandelaar. Tot 1918 deed hij dat onder meer met zijn broer Jan van der Borg in het Steenhuis van zijn vader Reinder. Vanaf december 1918 woonde het gezin Van der Borg 1918 in het huis aan de Luddestraat 5 te Thesinge. In de vlasschuur bij deze woning werden vanaf 1940 diensten gehouden van de Christelijk Gereformeerde Kerk, de kerk die van de plaatselijke Gereformeerde Kerk is afgescheiden.

Derk overleed op 25 maart 1974 te Thesinge op de leeftijd van 90 jaar en werd aldaar begraven. Zijn echtgenote overleed op 16 april 1977, 3 jaar na hem.

Zoon Reinder verhuisde in de 40-jaren naar de Verenigde Staten. In 1950 werd hij genaturaliseerd tot Amerikaan. Reinder trouwde op 1 oktober 1947 met Carolyn Peterson in Portland. In 1978 overleed hij. Zijn drie zonen wonen nog steeds in de Verenigde Staten.

Jan Dirk van der Borg & Ebeltje Top

Mijn opa Jan Dirk van der Borg, het derde kind van Derk en Grietje, werd geboren op 21 januari 1926. Zijn vader Derk overleed toen hij 48 jaar oud, en toen hij 51 jaar oud was overleed zijn moeder.

Jan Dirk huwde met Ebeltje Top op 12 mei 1954. Ebeltje is op 5 april 1929 geboren te Grootegast. Zij kregen drie kinderen: Dirk Reinder (Dirk) van der Borg (03 november 1955), Jaap van der Borg (22 april 1958), Reinder Jan (Reinder) van der Borg (28 februari 1962).

Hij verhuisde in 1967 met Ebeltje van Thesinge naar Achter-Thesinge. Hij werkte als waterschapsvakman op de rioolwaterzuivering te Garmerwolde en was als vrijwilliger actief als drager voor de Begrafenisvereniging te Thesinge. Ebeltje overleed op 23 april 2009. In 2010 verhuisde Jan Dirk naar Ten Boer.

Opmerkingen:

[1] Volgens overlevering. Een betrouwbare bron voor deze namen heb ik niet kunnen vinden.

[2] Bron: Boerderijen in het Halfambt

Geen laagvliegroutes over de mooie Veluwe

Lelystad Airport is door het ministerie van Infrastructuur en Milieu aangewezen als locatie om te groeien om zo Schiphol Airport te ontlasten. Onderdeel van deze ontwikkelingen is dat de vliegroutes van en naar Lelystad Airport moeten worden aangewezen. Vanaf juli 2017 heb ik stelling genomen tegen de effecten van deze vliegroutes voor de Apeldoornse bewoners en het bedrijfsleven. Ik sta voor de prachtige Veluwe, waar rust centraal staat.

Wat ons betreft wordt eerst het luchtruim heringedeeld voordat vliegveld Lelystad geopend gaat worden. Naar verwachting kan dat in 2023 zijn. Daarnaast is het van belang dat bij de herindeling van het luchtruim de vliegroutes van en naar Lelystad veel hoger worden ingepland dan nu het geval is. Van geluidsoverlast mag geen sprake zijn.

Hierbij een beeld van de acties die ik als woordvoerder van het CDA Apeldoorn heb gevoerd:

6 juli 2017 – Spoeddebat effecten aanvliegroutes Lelystad voor omgeving Apeldoorn en vliegveld Teuge.

Toen op De afgelopen weken is in het advies van het ministerie van I en M duidelijk geworden dat de vliegtuigen die de zuidwestelijke aanvliegroutes volgen, over oostelijk en westelijk Apeldoorn vliegen, waarbij de oostelijke route ook over luchthaven Teuge zal gaan. Dit heeft grote consequenties voor de gemeente Apeldoorn en het vliegveld Teuge.

Het debat is hier terug te vinden.

September 2017 – Behandeling motie in gemeenteraad Apeldoorn over overlast vliegroutes Lelystad

De motie is hier terug te vinden.

december 2017 – Gesprek met afvaardiging van de CDA-kamerfractie

Samen met Veluwse actiegroepen en CDA-fractievoorzitters van de Veluwe heb ik een gesprek gevoerd met een afvaardiging van de CDA-kamerfractie. De centrale boodschap: erken het belang van de Veluwe. Daar horen deze laagvliegroutes niet bij. Eerst herindeling van het luchtruim, daarna opening van het vliegveld Lelystad.

januari 2017 – oproep in de media aan de Tweede Kamer of te kiezen voor het belang van de Veluwe

 

 

23 februari 2018 – Schriftelijke vragen over effecten vliegroutes omgeving Klarenbeek/Oost-Apeldoorn

In de week van 18-23 februari hebben we het volgende bericht: deze week werd door de minister aangekondigd dat de eventuele opening van Airport Lelystad een jaar opschuift. De minister wil de procedure zorgvuldig doorlopen. Wat het CDA Apeldoorn betreft blijft de inzet: eerst herindelen, dan Airport Lelystad open. En met een goed inzicht in de gevolgen voor onze inwoners in Apeldoorn en op de Veluwe.

Met de boodschap van de minister ging een rapportage mee, waarin inzicht is geboden in de vliegroutes en de aanpassingen daaraan. Het CDA Apeldoorn is benieuwd wat de effecten zijn en vraagt het college deze te onderzoeken en te delen met de samenleving. Specifiek vragen wij daarbij aandacht voor Klarenbeek. Uit het dorp bereiken ons signalen dat uit genoemde rapportage blijkt, dat met de aanpassingen de druk qua overlast op Klarenbeek wordt vergroot. Wat ons betreft een onwenselijke situatie!

Het CDA Apeldoorn vraagt onder andere aan het college van b&w of het klopt dat als gevolg van de laatste aanpassingen de druk qua vliegbewegingen op Klarenbeek en de oostzijde van Apeldoorn wordt vergroot, en of het college deelt dat dit een zeer  onwenselijke situatie is.

De schriftelijke vragen zijn hier te vinden. 

 

Hoe verder met Westpoint? Woningbouw? Park?

In 2015 heeft de meerderheid van de Apeldoornse gemeenteraad tegen de plannen voor een supermarkt op de ‘Westpointlocatie’ gestemd. Sinds dat moment onderzoekt de eigenaar van het gebouw welke mogelijkheden er zijn om het pand een bestemming te geven. Dat heeft geresulteerd in een, zoals het er nu uitziet, toekomstig verzoek tot wijziging van het bestemmingsplan om 98 huurappartementen van 40m2 mogelijk te maken.

De omwonenden maken zich al jaren zorgen over de herbestemming van Westpoint. Het gebouw staat al geruime tijd leeg, de omgeving nodigt uit tot overlast en concrete plannen leidden niet tot een meerderheid bij de gemeenteraad.

Read More →

Asielzoekerscentrum Deventerstraat: kleinschalig en passend bij de buurt

Eind 2015 heeft de Apeldoornse gemeenteraad na een zorgvuldig proces het college geadviseerd om het COA een asielzoekerscentrum te laten openen aan de Deventerstraat (de GGNet-locatie), en eventueel te zoeken naar een satellietlocatie, als er meer plekken nodig zijn. Hoewel de CDA-fractie destijds geen uitspraken heeft gedaan over aantallen asielzoekers op de beoogde locatie, is destijds afgesproken dat er gestart zou worden met 400 plaatsen, en na evaluatie met de omgeving een mogelijke doorgroei naar 600. 800 plaatsen zou pas aan de orde zijn na akkoord door de gemeenteraad.

Gedurende de tussenliggende periode is veel contact geweest met allerlei partijen, leden van de klankbordgroep, wijkraden, actiecomité, buurtbewoners en andere betrokkenen. Ook in de gemeenteraad is er nadien diverse malen over gesproken.

Read More →

Kijk verder dan windmolens!

In 2017 heeft de Apeldoornse gemeenteraad uitgebreid over de wenselijkheid van windmolens in Apeldoorn gesproken. Eerst door een opdracht te geven aan een raadswerkgroep, die een prima rapport ‘feitenonderzoek windmolens in Apeldoorn heeft opgeleverd’. Daarna in de politieke bespreking in september 2017.

De vraag die beantwoord moest worden is of het grondgebied van Apeldoorn over locaties beschikt waar windmolens geplaatst kunnen worden. Het antwoord op deze vraag is weer afhankelijk van de keuzes die we maken als het gaat om onder meer afstanden tussen windmolens en woningen. Read More →